De Belgische beurstaks heeft geen geheimen meer voor u met deze nieuwste opleiding!

Geschreven door Tim Van den Bruel & Kris Lievens - Tax & Legal Advisers KPMG -  op

De Belgische beurstaks heeft geen geheimen meer voor u met deze nieuwste opleiding!

De toepassing van de beurstaks lijkt op het eerste zicht eenvoudig. Bij de aankoop van bepaalde financiële producten zoals aandelen of obligaties wordt de beurstaks door de (Belgische) financiële tussenpersoon ingehouden.

Bij nader inzien is de toepassing van de beurstaks veelal een complex gegeven.
Het is immers niet steeds duidelijk welke producten onder de beurstaks vallen. Getuigt hiervan de recente discussie of beurstaks die verschuldigd is op transacties met opties, futures en swaps. Welke beurstaks is van toepassing bij de aankoop en verkoop van gestructureerde producten? Wat met transacties van niet-FSMA geregistreerde buitenlandse beleggingsfondsen? Op welke corporate actions is beurstaks verschuldigd?

Om een antwoord te kunnen bieden op deze vragen dringt zich veelal een analyse op van de juridische aard van het onderliggende instrument én van de transactie.

Bovendien werden de tarieven en plafonds doorheen de jaren verschillende keren verhoogd. Deze verhogingen waren veelal ingegeven vanuit budgettaire overwegingen van de Belgische overheid.

Tot slot was de beurstaks tot eind 2016 enkel van toepassing bij verrichtingen die in België werden aangegaan of uitgevoerd via een in België gevestigde bank of tussenpersoon. Als Belgische financiële tussenpersoon is de bank verplicht om de toepasselijke beurstaks in te houden.

Dit betekende dat wanneer belegd werd via een buitenlandse rekening of een buitenlands internetplatform er geen beurstaks verschuldigd was. Zelfs als het order rechtstreeks gegeven werd aan een buitenlandse inrichting van een Belgische bank, was de beurstaks niet van toepassing.

Om budgettaire redenen en om een level playing field te creëren tussen Belgische en buitenlandse financiële tussenpersonen (banken, internetplatforms enz.) werd door de regering beslist om het toepassingsgebied van de Belgische beurstaks significant uit te breiden. Vanaf 1 januari 2017 is de beurstaks ook verschuldigd voor orders die worden uitgevoerd via een buitenlands tussenpersoon of handelsplatform (bv. een bank of een internetplatform) indien het order “rechtstreeks of onrechtstreeks” gegeven wordt door een natuurlijk persoon met “gewone verblijfplaats” in België of een in België gevestigde rechtspersoon.

Voor de belegger heeft de uitbreiding van het toepassingsgebied belangrijke praktische implicaties. Voortaan zullen meer verrichtingen aan de beurstaks onderworpen zijn. Bovendien, voor een verrichting in het buitenland is het in principe de belegger die zelf alle formaliteiten moet vervullen. De belastingplicht wordt in dergelijk geval immers verlegd naar de ordergever in plaats van de tussenpersoon en dus moet de belegger de taks in principe zelf berekenen, aangeven en betalen.

De uitbreiding van het toepassingsgebied van de beurstaks leidt ook tot heel wat praktische vragen, waar de wet niet altijd een duidelijk antwoord op biedt. Hoe moet het begrip gewone verblijfplaats worden ingevuld? Wat moet begrepen worden onder “onrechtstreeks”? Beoogt de beurstaks ook verrichtingen door de bankier in het kader van discretionair vermogensbeheer? Wat met juridische constructies die onder de Kaaimantaks vallen?

Allemaal vragen die u van uw klant kan verwachten en waar u het antwoord op verneemt op 23 juni tijdens onze nieuwe praktische workshop van een halve dag.